Ceintuurbaan 251-253-255 *

Ceintuurbaan 251-253-255 *, Joannes Petrus Theodorus Cornelissen, 5 oktober 1884

De eerste steen
gelegd
door
J.P.Th. Cornelissen
5 Oct. 1884
geb. 11 Juli 1880

Datum van steenlegging

5 oktober 1884

Steenlegger(s)

Joannes Petrus Theodorus Cornelissen

Pand

Het driedubbelpand (nrs 251, 253 en 255), 27 meter breed, is in 1884-1885 gebouwd volgens het ontwerp van architect Antonius Cornelis Boerma (1852-1908). Het was bestemd als een appartementencomplex voor de goed gesitueerde middenklasse. In deze jaren werd de Ceintuurbaan aangelegd tussen de nieuwe stadswijk De Pijp en de gemeente Nieuwer Amstel. Architect Boerma heeft voor de gemeente Amsterdam meerdere gebouwen ontworpen. Zijn stijl is eclectisch, met elementen uit verschillende stijlvormen (neogotisch, Zwitserse chaletbouw). Het pand wordt ook wel 'Het huis met de kabouters' genoemd: op de dakkapellen van nrs 251 en 255 zitten twee grote groen-rode kabouters. De rechter kabouter houdt een bal in zijn hand die hij naar zijn collega-kabouter lijkt te willen gooien. Een duidelijke verklaring voor hun aanwezigheid is er niet (er bestaat geen volledig bouwarchief meer). Sinds 1984 is het pand een Rijksmonument. Momenteel zitten er twaalf appartementen in.

Relatie tussen steenlegger en pand

Joannes Petrus Theodorus (11 juli 1880-1947?) was bij zijn geboorte de jongste zoon van de aannemer Johannes Petrus Cornelissen (Leiden 3 oktober 1835-Amsterdam 25 april 1899) en Maria Catharina van Geffen.
Vader Cornelissen stond in Leiden geregistreerd als timmerman. Na verhuizing naar Amsterdam komt hij herhaaldelijk voor in het Stadsarchief Amsterdam als 'aannemer'. Zoon Joannes Petrus Theodorus werd op 11 juli 1880 geboren op het adres Amsteldijk 29 (de geboorteakte geeft nr 16).
Cornelissen Sr. was (in 1890) de eigenaar van de panden Ceintuurbaan 251-255. In die hoedanigheid kreeg hij ook te maken met de gevolgen van defecten zoals een slecht functionerende Liernur-riolering, uitvoerig beschreven in De Tijd van 8 oktober 1890.

Steen

De gedenksteen zit onderin links van de ingang van nr 255. Tussen de eerste en tweede slinger (van bovenaf) staat: ‘gelegd/ door’. Tussen de tweede en de derde slinger staat (slecht leesbaar): ’5 Oct./ 1884′.

 

Liernur-stelsel

Dit nieuwe rioleringsstelsel was ontwikkeld door de Nederlandse ingenieur Charles Tilleman Liernur (* 1828). Amsterdam was de eerste stad waarin het rond 1870 (tot 1906) werd toegepast. Het ging hierbij om twee afzonderlijk rioolsystemen. Een daarvan was voor de afvoer van faecaliƫn. De faecaliƫn werden vanuit de toiletpot verzameld in een reservoir, om later als mest hergebruikt te worden. Het werd dus niet, zoals voorheen, in de grachten geloosd. In de woningen waren de buizen voorzien van kleppen (stankafsluiters). Hierbij kon dus het nodige mis gaan.

 

Bronnen

Ons Amsterdam nr 9, 29 september 2015, ‘Het Huis met de Kabouters’.

Stadsarchief Amsterdam, BR 1874-1893, BS geboorteakte, Overgenomen delen.

BR Leiden, archief 0516, invnr 1145.