Dam, stadhuis (nu koninklijk paleis) *

Dam, stadhuis (nu koninklijk paleis) *, Gerbrand Pancras, Jacob de Graeff, Sybrand Valckenier en Pieter Schaep, 28 oktober 1648

IV Cal Nov. [100] [500] C XLVIII
Quo composetum est bellum
Quod foederati inf. german.
Populi cum tribus Philippis
Potentissimus Hispaniarum
Regibus terra marique per
Omnes fere orbis oras ultra
Octogenia annos fortiter
Gesserunt asserta patriae
Libertate et religione
Auspiciis coss.
Pacificatorum optimorum
Gerb. Pancras Iac. De Graaf
Sib. Valckenier Pet. Schaep
Consulum filii et agnati
Iacto primo fundamenti
Lapide hanc curiam
Evendarunt.

(...) hebben, onder de begunstiging der Burgemeesteren, de beste vredemakers, Gerbrand Pancras, Jacobus de Graeff, Sybrand Valckenier en Pieter Schaep, der Burgemeesteren Zoonen en Neeven, door het leggen van den eersten grondsteen, dit Raadhuis gestigt.' (Vertaling laatste alinea van Jan Wagenaar (1765). Steenlegging: 28 oktober 1648)

Datum van steenlegging

28 oktober 1648

Steenlegger(s)

Gerbrand Pancras, Jacob de Graeff, Sybrand Valckenier en Pieter Schaep

Achtergrond steenlegger(s)

Gerbrand Pancras (van Erpecum) (1643-1702), kleinzoon van burgemeester Gerbrand Claesz. Pancras (1591-1649).
Jacob de Graeff (1642-1690), zoon van burgemeester Cornelis de Graeff (1599-1664).
Sybrand Valckenier (1634-1665), zoon van burgemeester Wouter Valckenier (-1650).
Pieter Schaep, achterneef van burgemeester Pieter Schaep.

Een ooggetuige van de ceremonie meldde dat de jongetjes 'deftich en cloeckmoedig' de zilveren troffel hanteerden, alsof zij nooit anders hadden gedaan. De vier vervulden later belangrijke posities in het Amsterdamse bestuurlijke en economische leven.


Pand

In 1639 besloot de Amsterdamse stadsregering tot de bouw van een nieuw stadhuis. Sinds circa 1400 stond een oud en rommelig stadhuis op de hoek voormalige Vogelsteeg en Dam. Aan de Damkant lag de Vierschaar, de zaal waar recht werd gesproken. Het gebouw was niet meer toereikend voor de snel groeiende en inmiddels machtige handelsstad. Voor de burgemeesters, rijke patriciërs behorend tot de nieuwe stadsadel, moest het raadhuis een imponerend stadspaleis worden, met de fraaiste burgerzaal van Europa. Gekozen werd voor het neoclassicistische ontwerp van Jacob van Campen. De bouw begon in 1648 op een terrein achter het oude stadhuis. In dat jaar werd tevens de vrede van Munster getekend, waarmee de opstand tegen de koning van Spanje werd beëindigd. Tijdens de bouw brandde in 1652 het oude stadhuis af, waarna de volle ruimte gebruikt werd voor het nieuwe stadhuis. Op 29 juli 1655 werd het, nog niet voltooide, gebouw plechtig ingewijd.

Bronnen: P. de Rooy et al, De canon van Amsterdam (2008) 81-84.
H.F. Wijnman, D'Ailly's Historische Gids van Amsterdam (1963) 34, 36-42.
Geert Mak, Het stadspaleis (1997).

Meer dan alleen een gedenksteen

De eerste-steenlegging werd tevens herdacht middels een zilveren penning, een zilveren troffel, een schilderij, een gedicht van de poëtische koopman Johannes Six van Chandelier en vele vermeldingen in contemporaine geschriften.

Voor elk van de vier steenleggers werd een zilveren troffel gemaakt, naar ontwerp van zilversmid Johannes Lutma (1584-1609), met daarop een afbeelding van de jongens die druk aan het metselen zijn. Alleen de troffel van Jacob de Graeff is bewaard gebleven (vader De Graeff was de belangrijkste van de vier burgemeesteren). Ook kregen de vier elk een zilveren herdenkingspenning mee (naar Johannes Lutma). Op de voorkant het Amsterdamse stadswapen en op de keerzijde de volgende tekst:

‘Ter gedachtenis
dat ondert gesach der Heeren
Burgem(eestere)n den eersten steen vant
Amsterdams stadthuis is gelegt door
Gerbrand Pancras Jacob de Graaff
Sybrand Valkenier Pieter Schaap
der Heeren Burgerm(eestere)n soonen en
Neven is deesen penning doen
maken den XXVIII Octob. /a(n)n(o) M.D.C.XLVIII.’

De gedenksteen zelf zit hoog in de noordwand van de Vierschaar. Op gelijke hoogte in de zuidwand zit een raam waardoor men vanuit de Burgemeesterskamer de rechtspraak over een ter dood veroordeelde kon volgen. Men keek daarbij uit op de gedenksteen van de eerste-steenlegging.