Prinsengracht 295

Prinsengracht 295, Kinderen J.W. Penning, 25 november 1903

Deze steen
geplaatst door
de kinderen van
J.W. Penning
25 november 1903

Datum van steenlegging

25 november 1903

Steenlegger(s)

Kinderen J.W. Penning

Pand

Oorspronkelijk stond op deze plek een huis met fraaie topgevel (D'Ailly's Historische gids van Amsterdam (1963, 410). Het Stadsarchief bezit een bouwtekening voor herbouw van Prinsengracht 295 (5221BT913126, d.d. 13 juni 1903).
In mei 1904 betrok Johann Wilhelm Penning met zijn gezin het pand. Op de gevel staat in gouden letters: 'Vaartuigen te huur en te koop/ Scheepsbehoeften/ Dekkleden'. Johann Penning woonde aanvankelijk in de Rozenstraat nr 1, waar zijn vader reeds een schuitenverhuurbedrijf had. Voor het goederenvervoer van de schepen in de haven naar de pakhuizen aan de grachten maakte Penning gebruik van een nieuw soort schuit, de dek- of zolderschuit. In de jaren '80 verdwenen deze karakteristieke dekschuiten uit de Amsterdamse grachten. In 1991 hield de firma op te bestaan.
De architect van het bedrijfspand in Jugendstil-stijl was A.W. Sikkel (Architectenteken 'A.W. Sikkel, bouwkundige' in de gevel).

Relatie tussen steenlegger en pand

Johann Wilhelm Penning (29 maart 1869) was opdrachtgever van de verbouwing van het pand. Het pand had een woon- en werkfunctie. Johann Penning was verhuurder van schuiten en dekkleden, zeilmaker en in scheepsbehoeften, Prinsengracht 295 (Naamlijst voor den Telefoondienst, 1915).

Deze gedenksteen heeft geen gemakkelijk leven. Aanvankelijk was hij zwaar beschadigd door roodkleurige graffiti. De verf is enigszins verwijderd, maar nu gaat de steen overdag verscholen achter een uitstalkarretjeĀ  van de erachter gelegen winkel.